Maak 4 ÷ 27 verder af
We maken de begonnen berekening af en leggen bij elke regel uit wat er gebeurt.
Bereken hoeveel groepjes van 2/7 er in 4 passen.
Schrijf 4 als een breuk
Ieder heel getal kun je delen door 1 zonder dat de waarde verandert.
Draai alleen de tweede breuk om
Bij delen door een breuk vermenigvuldig je met het omgekeerde. Het omgekeerde van 2/7 is 7/2.
Vermenigvuldig boven met boven en onder met onder
De teller wordt 4 × 7 = 28. De noemer wordt 1 × 2 = 2.
Maak de laatste deling
De breuk 28/2 betekent 28 ÷ 2. Dat is 14.
Vermenigvuldig terug: 14 × 2/7 = 28/7 = 4. Je komt terug bij het begingetal, dus het antwoord klopt.
Vermenigvuldig niet met 2/7. Alleen bij delen gebruik je het omgekeerde: 7/2.